Het was zaterdagavond 8 augustus, dag 3 van mijn 90-dagen challenge.
En dit werd geen half uurtje zoals gisteren. Dit werden bijna drie uur.
Gisteren eindigde ik met een lijstje: order-bump-copy schrijven, upsell-positionering scherper maken, bepalen wat via ThriveCart loopt. Verkooplogica, dus. Techniek en teksten.
Daar ben ik vandaag niet aan begonnen.
Wat er in plaats daarvan gebeurde, is dat ik een laag dieper ben gegaan dan ik van plan was. En achteraf denk ik dat dat de juiste volgorde was, want ik was copy aan het schrijven voor producten waarvan ik de onderlinge rangorde nog niet echt begreep.
Ik begon met een vraag over de order bump
Mijn eerste vraag vanavond was eigenlijk simpel: welk laagdrempelig product werkt het beste als bumper-offer bij de Gesprekskaarten? Iets van zeven tot zevenentwintig euro, iets snels en concreets. Want de Shootregie Kit voelde daar niet logisch bij. Die is te uitgebreid, te weinig instant-tastbaar.
Dat is uitgelopen op een fors marktonderzoek. Waar deze doelgroep online zit, wat er al verkocht wordt op Etsy en Gumroad, welke producten goed lopen en welke slecht beoordeeld worden, wat mensen letterlijk zeggen over hun pijn en hun bezwaren. Zeven fasen, inclusief een swipe file met citaten.
Twee dingen bleven hangen.
Het eerste is dat mijn gevoel klopte: een order bump mag nooit meer kosten dan het hoofdproduct. Bij een tripwire van negentien euro is een kit van zevenenzestig euro geen bump maar een blokkade. Die hoort achter de checkout, als vervolgaanbod.
Het tweede is wat er wél als bump zou werken: een white-label klantvoorbereidingskit van rond de zeventien euro. Dus geen materiaal voor de fotograaf, maar materiaal dat de fotograaf onder zijn eigen naam naar zijn klant stuurt. Wat trek je aan, wat kun je verwachten, je hoeft niet te weten hoe je moet poseren.
Daar zit namelijk het grootste gat in de hele markt: niemand bedient de klant vóór de shoot. Alle producten die ik tegenkwam gaan over het moment dat iemand al voor de camera staat.
Ik heb het onderzoek ook als PDF laten maken, vijfentwintig pagina’s, zodat ik er niet steeds Notion voor open hoef te doen.
Toen sloeg het om
En toen gebeurde er iets wat ik niet had gepland.
Want terwijl ik naar dat onderzoek keek, werd duidelijk dat mijn doelgroep niet één probleem heeft maar twee lagen van hetzelfde probleem.
De bovenste laag is de shoot zelf: wat zeg ik als iemand voor mijn lens staat? Die laag bedien ik al. Gesprekskaarten, Shootregie Kit, Rust & Regie.
De onderste laag is veel groter en vrijwel onbediend: hoe maak ik hier een aanbod van dat ik kan verkopen, vullen, uitvoeren en herhalen — zonder dat ik me schaam als het over geld gaat?
Dat is geen order bump. Dat is een cursus.
Dus ben ik daarmee verdergegaan. Werktitel: De Portretdag Methode. Prijs: €297.
Wat er daarna gebeurde was eigenlijk een interview
In plaats van dat ik ging schrijven, ben ik gaan praten.
Er kwam een curriculum-outline, en daarna een aparte pagina waar al mijn antwoorden in verzameld worden. En toen: vragenrondes. Ik kreeg per module een set gerichte vragen en die beantwoordde ik met spraakberichten. Gewoon inspreken wat ik weet, terwijl ik op de bank zit.
Dat werkte verrassend goed. In twee rondes lag mijn hele praktijk vast:
Dat een klant een half uur shoot krijgt, en dat dat het maximum is. Dat ik daar in totaal een uur voor blok, want er gaat een kwartier binnenkomen overheen en een kwartier afscheid en afrekenen. Dat ik ooit zeven mensen op één dag had voor honderd euro per persoon, en dat ik nu bewust naar vijf plekken van honderdvijftig ben gegaan — niet omdat het niet lukte, maar omdat zeven sociale ontmoetingen op één dag me leegtrekken. Dat ik minimaal tien foto’s beloof en er vaak achttien lever. Dat ik binnen achtenveertig uur lever via een Drive-map per persoon. Dat ik nog nooit een wanbetaler heb gehad.
Dat zijn precies de cijfers die je nergens vindt als je zoekt hoe je een portretdag organiseert. Ze stonden alleen in mijn hoofd.
Ik heb ook de volledige opname van één portretsessie erin gegooid, van het telefoontje bij de schuifdeuren tot het einde. Daar zijn alle regie-zinnen uit gehaald die ik blijkbaar automatisch zeg.
Ietsje naar voren. Kom je iets meer naar het licht. Je hoofd ietsje rechter. Die andere hand mag je hier ergens kwijt.
Sturen in centimeters, niet in persoonlijkheid. Ik wist niet dat ik dat deed, maar ik doe het de hele tijd.
De vervelende twee uur
Niet alles ging soepel.
Ik wilde de Portretdag Planner erbij betrekken, mijn eigen tool. Die staat op mijn site, maar de pagina is een iframe en zat achter een wachtwoord. Er is van alles geprobeerd om hem uit te lezen: het wachtwoord eraf, de WordPress API, twee verschillende proxies, zelfs een browser in een sandbox. Alles liep stuk. De sandbox bleek geen internet te hebben.
Uiteindelijk was de oplossing belachelijk simpel: ik heb er tien screenshots van gemaakt en die geplakt.
Dat is wel de les van vanavond. Ik heb minstens twintig minuten verloren aan een technische omweg, terwijl de handmatige route dertig seconden kostte. Precies dezelfde valkuil als gisteren, alleen in een ander jasje.
De belangrijkste gedachte van vandaag
En toen die screenshots er eenmaal waren, viel het kwartje.
Mijn Portretdag Planner heeft tien stappen. Kiezen, aanbod, prijs, dag, intake, promotie, setup, boeken, problemen, overzicht. Aan het einde spuugt hij vijftien kant-en-klare teksten uit.
Ik zat een cursus te ontwerpen met acht modules, terwijl er al een structuur bestond die ik zelf gebouwd had.
Dus: de tool wordt het skelet van de cursus. Elke stap krijgt één video. Ik neem mijn scherm op terwijl ik de tool invul, met mezelf erbij in beeld. Vier video’s staan op eigen terrein, omdat de tool daar niet komt: waarom je hieraan begint, de sessie van dertig minuten zelf, wat je na de dag doet, en hoe je er een jaarritme van maakt.
Elf video’s in totaal.
Het mooie is wat dat met de rest doet. De Planner blijft een los product dat vóór de cursus verkocht wordt, maar wordt tegelijk het werkboek bij de cursus. Daarmee verkoopt die upsell zichzelf. En de gebruiksvolgorde en verkoopvolgorde waar ik gisteren over schreef, vallen ineens netjes in elkaar.
De tool geeft de velden. De cursus geeft het oordeel: waaróm zet je die schuifregelaar daar, wanneer mag je van het sjabloon afwijken, en wat gebeurt er als je het anders doet.
Het product bestond dus al. Ik had het alleen nog niet ingesproken.
Nog één beslissing
Eén module verkoop ik ook los: hoe krijg ik mijn dag vol, voor €67. Dat is groot genoeg om zelfstandig te bestaan, en het is de vraag die iedereen stelt.
En er kwam een detail naar boven waar ik nog even op moet kauwen. De tool adviseert drie tot vijf bewerkte beelden bij een sessie van dertig minuten. Ik lever er minimaal tien. De tool zegt: vraag altijd een aanbetaling tegen no-shows. Ik laat de klant zelf kiezen wanneer hij betaalt.
Dat zijn geen fouten. Ik denk dat het advies van de tool het startpunt is voor iemand zonder naam of netwerk, en dat mijn manier het eindpunt is. Maar dat moet ik in de video wel uitleggen, anders ziet de kijker een tegenspraak.
Wat ik leerde
Gisteren dacht ik dat mijn probleem de funnel was. Vandaag bleek mijn probleem te zijn dat ik niet scherp had wat ik eigenlijk verkoop.
En de manier waarop dat scherp werd, was niet door na te denken maar door vragen te beantwoorden. Ik heb vanavond bijna niets zelf getypt. Ik heb ingesproken wat ik al twintig jaar doe, en dat is opgeschreven en geordend.
Dat is een werkwijze die ik ga vasthouden.
Morgen
- Vragenronde 3 inspreken: hoe ik mijn portretdagen echt vol krijg. Welke berichten werkten, welke DM een boeking opleverde, en vooral wat er níét werkte.
- Beginnen met de eerste scripts, zodat ik kan gaan opnemen.
- De salespagina van mijn eigen portretdag opschonen — daar staan nu drie verschillende levertijden en twee verschillende aantallen foto’s op.
Niet opnieuw de structuur omgooien.
Niet nog een onderzoek.
Inspreken en opnemen.







